IkbenBint.nl

Bouwfolie keuzehulp

Bouwmaterialen

Beschrijving

Welke bouwfolie past bij jouw toepassing? Beantwoord een paar vragen over de locatie en positie in de constructie. De keuzehulp geeft het juiste foletype, de vereiste Sd-waarde en de belangrijkste uitgangspunten. Raadpleeg altijd de verwerkingsvoorschriften van de fabrikant.

Invoer velden

Resultaten

-
Het aanbevolen foletype op basis van constructie, positie en ruimtetype.
-
De Sd-waarde geeft de dampdiffusieweerstand aan. Hoe hoger, hoe minder damp de folie doorlaat.
-
Technische uitgangspunten voor de gekozen toepassing.
-
Relevante regelgeving voor het gekozen foletype.

Formulas:

  • folietype = if(constructie == 'kruipruimte', 'PE-folie — bodemafdekking', if(positie == 'nvt', 'PE-folie — bodemafdekking', if(positie == 'koud', if(constructie == 'dak_plat', 'Dampremmende folie of dampscherm — koude zijde dakbeschot bij warm platdak', 'Dampopen folie (dampdoorlatende folie)'), if(ruimtetype == 'vochtig', 'Dampdichte folie (dampscherm)', if(ruimtetype == 'onverwarmd', 'Dampremmende folie of geen folie vereist', 'Dampremmende folie')))))
    Het aanbevolen foletype op basis van constructie, positie en ruimtetype.
  • sd_waarde = if(constructie == 'kruipruimte', 'Geen Sd-eis van toepassing.', if(positie == 'koud', 'Sd-waarde max. 0,3m. Folie mag niet microgeperforeerd zijn (Bouwbesluit 2011).', if(ruimtetype == 'vochtig', 'Sd-waarde min. 100m.', 'Sd-waarde min. 20m. Klimaatfolie (Sd 0,2-60m) is ook toegestaan.')))
    De Sd-waarde geeft de dampdiffusieweerstand aan. Hoe hoger, hoe minder damp de folie doorlaat.
  • uitgangspunten = if(constructie == 'kruipruimte', 'PE-folie min. 0,2mm dik. Banen min. 20cm overlappen. Folie langs de fundering omhoog. Naden afplakken met PE-tape.', if(positie == 'koud', if(constructie == 'dak_schuin', 'Dampopen folie. Sd-waarde max. 0,3m. Niet microgeperforeerd. Onder de tengels, op de isolatie. Overlap min. 10cm. Luchtspouw min. 20mm tussen folie en dakbedekking. Naden afplakken.', if(constructie == 'gevel', 'Dampopen folie. Sd-waarde max. 0,3m. Niet microgeperforeerd. Op de isolatie. Overlap min. 10cm. Luchtspouw min. 20mm tussen folie en gevelbekleding. Naden afplakken.', if(constructie == 'dak_plat', 'Dampremmende folie onder de isolatie (tussen dakbeschot en isolatie). Overlap min. 10cm. Alle naden, aansluitingen en doorvoeren luchtdicht afplakken.', 'Dampopen folie. Sd-waarde max. 0,3m. Overlap min. 10cm. Naden afplakken.'))), if(constructie == 'dak_plat', 'Dampremmende folie onder de isolatie. Overlap min. 10cm. Alle naden, aansluitingen en doorvoeren luchtdicht afplakken.', 'Dampremmende of dampdichte folie aan de woonzijde van de isolatie. Overlap min. 10cm. Alle naden, aansluitingen en doorvoeren luchtdicht afplakken.')))
    Technische uitgangspunten voor de gekozen toepassing.
  • regelgeving = if(constructie == 'kruipruimte', 'Geen folieverplichting in het Bouwbesluit. Aanbevolen conform NEN 2916.', if(positie == 'koud', 'Bouwbesluit 2011: dampopen dakfolie niet microgeperforeerd. NEN 2916: waterdichtheid klasse W1 of W2 vereist.', 'BBL art. 3.27: constructies mogen niet langdurig blootstaan aan inwendige condensatie. BENG: max. qv10 0,2 dm3/s per m2 gebruiksoppervlak — luchtdichte folie en tape zijn hiervoor essentieel.'))
    Relevante regelgeving voor het gekozen foletype.
Link gekopieerd!

Meer over bouwmaterialen

Ontdek meer tools gerelateerd aan bouwmaterialen